“Belgische jongeren en de islam? Hoe zit dat nu precies?”

van Hicham Abdel GAWAD(1) is een interessant, boeiend en moedig boek. Montasser Alde’emeh omschreef het als “het verplichte boek”.(2)

Hicham Gawad vertelt in dit boek zijn zoektocht naar de zin en betekenis van zijn geloof en van de Koran. Die zoektocht voert hem van Trappes (3) naar de ontdekking van het wetenschappelijk godsdienstonderzoek aan de universiteit tot leraar islamitische godsdienst.

Voor de jonge Gawad beperkt zijn kennis van de Koran zich tot wat zijn vader hem voordroeg: ‘een verlichte uitleg van de religie (…) die mijn blik steeds op het goede en het respect van de anderen heeft gericht.” Bij gebrek aan een religieuze schoolopvoeding (4) vindt hij in chatsessies en in de boekhandels (waarvan hij al snel ontdekt dat negen keer op de tien salafistisch zijn) zijn eerste bronnen. Hij kent geen Arabisch dus moet op zoek gaan naar een Franse vertaling, maar het ontbreekt hem aan elke voorkennis om de “bijzonder complexe” tekst te lezen. Alles wat hij ontdekt lijkt hem verward en buitensporig: ”(z)ijn volledige religieuze wereld stond op zijn kop.” Na verschillende intellectuele omzwervingen geeft hij zijn elektronica opleiding op en stort hij zich op de kennis van de geschiedenis van het religieuze denken. Eén vraag houdt hem bezig: “Weten we daadwerkelijk wat we beweren te weten over de islam?

Zijn universitaire opleidingen eerst aan de ULB en nadien aan de UCL zijn voor hem een revelatie: de Koran wordt er niet alleen behandeld als een historische tekst uit de 7de eeuw maar ook als een literaire constructie die zich in de tijd ontvouwd heeft. Via de theologie, filosofie en de sociologie van de godsdiensten komt hij tot de vaststelling dat er een synthese moet gemaakt worden tussen de interpretatie van een godsdienst en de historische antropologische benadering ervan. Het geloven moet afhangen van het weten, stelt hij: “ik was eindelijk aangekomen in wat men DENKMOED zou kunnen noemen.”

“De Belgische jongeren en de islam? Hoe zit dat nu precies?” behandelt hij aan de hand van 10 vragen van zijn leerlingen. Hij behandelt elke vraag volgens hetzelfde stramien: wat is de kern van de vraag? Wat zegt de godsdienstwetenschap hierover? Hoe krijg ik dat uitgelegd aan mijn leerlingen? Bij de behandeling van de vragen van zijn leerlingen probeert hij hen aan te tonen dat er twee begrippen zijn die niet met elkaar mogen verward worden: er is de “immanente realiteit”, die wetenschappelijk is, dus waarneembaar en onlosmakelijk verbonden met de mens, anderzijds is er de “transcendente openbaring”, die niet waarneembaar is voor de menselijke zintuigen en ervaring. Met zijn bijzonder interessante analyses over de positie van de vrouw , het geweld, het leven na de dood, het bestaan van God in een historisch antropologisch perspectief wil hij zijn leerlingen de DENKMOED bijbrengen want: “ de antwoorden op mijn vragen liggen nergens anders dan in mezelf.

Volgens Gawad zal de orthodoxe dogmatisch benadering van de islam moeten verschijnen voor wat hij “de rechtbank van de jeugd” noemt, want “jongeren van vandaag zijn niet de vromen maar de vraagstellers van morgen.

Gawad maakt deel uit van een hedendaagse duiding van de islam in het licht van de humane en sociale wetenschappen. De meest bekende vertegenwoordiger hiervan is Rachid Benzine die met zijn lezingen en boeken(5) een kritisch denken wil op gang brengen waarin de orthodoxe theologie plaats maakt voor kennis en zingeving.

Dit boek is een aanrader, het is zuurstof voor DENKMOED voor leerkrachten en leerlingen!

Klik hier voor een downloadbare pdf

(1) Uitgeverij EIK, 2017
(2) Knack, 27.09.17
(3) Trappes= voorstad van Parijs-berucht om zijn culturele en religieuze spanningen tussen bevolkingsgroepen- Omar Sy,Jamel Debouze Franse acteurs en humristen zijn afkomstig uit Trappes
(4) In Frankrijk is levensbeschouwelijk onderricht geen schoolvak.
(5) Recentst verschenen: “Wat staat nu eigenlijk in de Koran?” samen met Ismaël Saidi, uitgeverij Eik, 2017